Coen Vermeeren in Cambridge

0
171

De hoogste eer: muziek van Coen Vermeeren wordt uitgevoerd in Saint John’s College Cambridge.

Door Hans Rooseboom – BN De Stem

Vrijdag 29 november 2002 – De Bredase dirigent en componist Coen Vermeeren wist afgelopen woensdagavond nauwelijks wat hem overkwam, toen in de kapel van St.-John’s College in Cambridge zijn cd Mysterium ten doop werd gehouden. St.-John’s is het Walhalla van de Engelse koormuziek. “Beter dan door dit koor en op deze plaats kan mijn muziek niet worden uitgevoerd.”

“Ik voel het als een enorme eer dat mijn muziek is uitverkoren om te worden opgenomen door het koor van St. John’s College in Cambridge. Dat koor heeft op het gebied van kerkelijke muziek de reputatie het beste koor van Engeland te zijn. Dus eigenlijk van de wereld.”
In de duisternis van de enorme kerk lichtte alleen rond het altaar een wijde kring van kaarsen op. Binnen de kring stonden veertien in vuurrode gewaden geklede jongemannen, en ze zongen het werk van Coen Vermeeren. Sprakeloos was hij, na afloop. “Onvoorstelbaar, dat dit mijn muziek is.”
Hoe komt het dat een Bredase dirigent, die eigenlijk ingenieur is, en die pas een aantal jaren geleden met componeren is begonnen, deze eer te beurt valt? Coen Vermeeren: “Het heeft alles te maken met het koor van de Sacramentskerk in Breda. Ik heb daar als jongen in gezongen en ben er later dirigent van geworden. In dat koor zong onder mijn leiding een jongetje, Lester Lardenoye, en dat Bredase jongetje is nu student natuurkunde aan de universiteit van Cambridge. Met zijn muzikale achtergrond is hij waardig bevonden lid te worden van het koor van St. John’s College. Ik heb altijd contact met Lester onderhouden en van het een kwam het ander. Het koor uit Cambridge is al een paar maal in Breda geweest, en toen ik met het plan kwam om een cd te produceren met mijn eigen muziek waren de heren uit Cambridge bereid om daaraan mee te werken. En nu is het zo ver.”

Erkenning

Voor Coen Vermeeren is deze cd, gevoegd bij het kaliber van de uitvoerenden, een erkenning van zijn werk. Die erkenning heeft hij nodig, want zijn weg naar het componeren is niet vanzelf gegaan. “Mijn eigenlijke werk is ingenieur in de luchtvaart- en ruimtevaarttechniek. Ik werk aan de universiteit van Delft”, aldus dr. ir. Coen Vermeeren (40). “In Delft heb ik mijn werk, maar de muziek is mijn werkelijke leven. Dat is het geweest vanaf het moment dat ik lid werd van het jongenskoor van de Sacramentskerk in Breda onder Walther Cantrijn.”
Waar Coen Vermeeren overigens de tijd vandaan haalt om te componeren is een raadsel, want voor zijn werk reist hij constant over de wereld om college te geven en congressen bij te wonen over vliegveiligheid en vliegtuigbouw.
Kan hij soms in het vliegtuig componeren? “Nee, niet echt. Ik bedenk wel muziek, maar het componeren zelf doe ik met de piano en de computer. Ik heb alles bij elkaar al een hele reeks werken gecomponeerd, bijna allemaal vocaal. De cd Mysterium die nu gepresenteerd is, staat vol met kerstrepertoire.”
Het vocale componeren heeft Coen Vermeeren nu dus naar Cambridge gebracht, de plaats waar de uitvoering van zijn soort muziek, de kerkelijke, tot grote hoogte is gebracht. Op de talloze Colleges van Cambridge bestaat een koorcultuur die eeuwen teruggaat, soms tot achthonderd jaar geleden. Nog steeds vinden er elke dag diverse concerten plaats.

Opleiding

Student en koorlid Lester Lardenoye (20), die twee jaar geleden uit Breda naar Cambridge is verhuisd, vertelt hoe dat College-systeem in elkaar zit. “Er is één universiteit van Cambridge, maar er zijn wel 31 Colleges. Iedere student aan de universiteit, in welke studierichting ook, moet lid worden van een College. Het College is je huis, je sociale leven. Je woont er, eet en slaapt er, en je kunt je aansluiten bij een vereniging, bijvoorbeeld op sportgebied. Een van de dingen waar je als student aan mee kunt doen is zingen in het koor van de Kapel van St. John’s, in mijn geval. Daaraan worden overigens wel zeer strenge eisen gesteld. In de paar jaar dat je lid bent van het koor krijg je een muzikale opleiding die als beter geldt dan aan het conservatorium. Veel zangers beginnen dan ook een solo-carrière.”
De Colleges van Cambridge zijn iets unieks. Ze bepalen het leven en het uiterlijk aanzien van de bescheiden historische provinciestad. Overal staan de reusachtige complexen, met binnenplaatsen (courts), grasvelden en monumentale gevels. Sommige dateren uit de 17e eeuw, andere uit de 19e. De gezamenlijke Colleges van Cambridge stralen de grandeur uit van het wereldrijk dat Engeland was. Hier werd de bloem der natie opgeleid, de elite, het kader dat geroepen was om een wereldrijk in stand te houden. Hier in Cambridge is niets veranderd, hoewel het wereldrijk verkruimeld is.
De studenten die in het koor van St. John’s zingen, zijn buitengewoon gemotiveerd. Het zijn stuk voor stuk hoogbegaafde en met humor begiftigde jongens, die zich geweldig inzetten om het hoogste niveau te bereiken. Als ze minder presteren vliegen ze eruit, kandidaten genoeg. Vandaar dat Coen Vermeeren zo blij is met deze groep zangers om zijn werk te realiseren.

Valse piano

Dat hij zou gaan componeren, wist hij intuïtief. “Toen ik al student in Delft was kreeg ik een oude, valse piano voor driehonderd gulden. En toen wist ik: daarop ga ik componeren. Ik schreef mijn eerste stuk heel snel. Het heet O, Magnum Mysterium. Daan Manneke hoorde dat stuk en hij zei: ‘Kom maar les nemen’. Hij is natuurlijk een groot componist en docent aan het conservatorium. Ik kreeg privelessen.”
Voor Coen Vermeeren was het componeren begonnen en Daan Manneke bleef daarin een belangrijke rol spelen. “Hij heeft mij veel bevestiging gegeven. Hij keurt niets af, maar loopt door de partituur en zegt dan: ‘Dat zou ik anders doen.’ Hij laat je helemaal in je waarde.”
Moest je als leek – je bent tenslotte ingenieur – niet muziektheorie, harmonie, contrapunt en dergelijke gaan studeren? Vermeeren: “Daan Manneke zei: ‘Je moet harmonieleer beschouwen als een museum. Je kunt er ingaan, je kunt ernaar kijken, naar je hoeft er niets van te gebruiken.’ Ik werk voornamelijk op mijn intuïtie, en natuurlijk kan ik altijd zeggen: ‘Het is mijn beroep niet.”

Christelijke cultuur

Waarom schrijft hij vooraal kerkmuziek, er is toch nog meer? Symfonieën, strijkkwartetten? “Dat komt door mijn muzikale opvoeding. Als kind deed ik niets aan muziek, en we waren thuis niet religieus. Maar sinds mijn muzikale intrede bij het Sacramentskoor ben ik erachter gekomen dat er zo veel schatten in de christelijke cultuur zitten.”
In de Engelse koorcultuur, zoals die in Cambridge wordt beoefend, vindt Coen Vermeeren een soort vervulling van zijn religieuze gevoel. “Je moet eens naar een concert gaan, bijvoorbeeld in de kapel van King’s College. Dat is een prachtige meditatieve sfeer. Het is niet zo dwingend als de eucharistie. Er moet niets, er wordt ook niet gepreekt. Het is echt iets voor mensen die wel religieus zijn maar zich niet bij een kerk willen aansluiten. En dan is er natuurlijk die fantastische muziek.”