artikel: ‘mijn muziek houdt me in balans’

0
119

Mijn muziek houdt me in balans

Op een valse piano in een achterafkamertje componeerde dr.ir. Coen Vermeeren (1962) als TU-student zijn eerste compositie. Daarna nam zijn carrière een andere wending: hij kreeg een doctorstitel en een aanstelling bij de faculteit Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek.

 Een in 2003 gegeven interview voor het universiteitsblad Delta in Delft.

Toch bleef de muziek trekken. Met als resultaat dat hij nu in eigen beheer een cd heeft uitgebracht. ‘Mysterium’ bestaat uit bijna tachtig minuten hemelse, gregoriaanse gezangen, bedoeld voor de advents- en kersttijd.

Waarom een kerst-cd?

,,Kerst is voor mij een beetje een mysterieuze tijd. Als kind zong ik in een jongenskoor en toen begon ik in oktober al met het repeteren van kerstmuziek. Dat was een magische periode. De kerstboom, het optuigen, de donkerte, het gezang en al die mensen die samenkwamen voor de mis. Dat had iets heel bijzonders. In mijn muziek ben ik op zoek naar dat mysterieuze gevoel van toen, waar je als volwassene steeds moeilijker bijkomt. Zeker in de harde technische wereld van mijn werkomgeving, waarin alles verklaard moet worden.”

Wat is mysterie?

,,Waarom deze wereld met al haar imperfecties eigenlijk bestaat. Het leven is een mirakel. Niemand zal het ooit kunnen verklaren. Ook al zijn we op de TU nog zo hard bezig alles rationeel uit te leggen. Het centrale middendeel van mijn cd heb ik dan ook ‘het mysterie van de geboorte van God’ genoemd. Dit deel refereert aan de overige stukken van de cd, maar ik heb ze flink omgehusseld. Daardoor is het alsof je de wereld voor het eerst ziet met al haar mensen, vliegtuigen en auto’s.”

Bent u zelf religieus?

,,Absoluut. Maar ik zou mezelf eerder katholiek-boeddhist noemen dan rooms-katholiek. Ik ben van de generatie die alles wat mooi is tot zich neemt en dan tot de ontdekking komt dat we allemaal hetzelfde zijn. En dan kom je bij de vraag waarom je in Nederland bent geboren, waarom je bij een kerkkoor bent gegaan en waarom Nederland christelijk is. Dan kun je wel gaan schelden op de kerk, maar je moet je eigen roots niet te grabbel gooien. Dan houd je niks over, je gaat zweven en trippen. Daarom heb ik ook voor muziek gekozen die past in de Nederlandse traditie. Waarom zou je het ergens anders zoeken als je je eigen cultuur niet eens kent?”

Botsen uw werk en de muziek wel eens?

,,Muziek is voor een deel ook techniek en structuur. Bij de oude Grieken waren zowel filosofie, wiskunde als muziek exacte wetenschappen. Het waren in die tijd de belangrijkste wetenschappen die je kon beoefenen en het een was niet minder dat het ander. Pythagoras hield zich bezig met wiskundige stellingen, maar was ook musicus. In onze wereld is alles zo gespecialiseerd, dat wij die combinatie vreemd vinden, maar dat is het in wezen niet.”

Uw muziek is middeleeuws.

,,Toch is het nieuw wat ik doe. Als je met een koor repeteert, gebeurt het vaak dat partijen te hoog of te laag zitten. Daardoor ontstaan per ongeluk soms prachtige samenklanken, die nog door niemand zijn opgeschreven. Dan moet je het zelf doen. Ik componeer wat ik wil horen in muziek.”

Maar uw composities zijn gebaseerd op bestaande melodieën. Wat voegt u toe?

,,Ik verbind het oude met het nieuwe. Ik ga niet voorbij aan de muzikale ontwikkelingen van na de middeleeuwen. Ik zet stukken uit en laat de melodie in één keer verdwijnen. Ik licht de tekst eruit met bijzondere klanken, ik voeg dissonanten en ritmiek toe. Zo sla ik een brug tussen onze tijd en de middeleeuwen. Ik geloof heel erg in het op een nieuwe manier samenbrengen van losse delen. Dat moeten we in het leven ook voortdurend doen. Generaties en culturen staan niet op zich.”

Krijgt u zo grip op de wereld?

,,Ja. Je wordt voortdurend geconfronteerd met dingen die in je eigen omgeving en in de wereld gebeuren. Somskan ik daar niks mee. Muziek is voor mij geen vlucht, maar het houdt me wel in balans. Mijn muziek zet aan tot relativeren en over de dingen nadenken.”

Hoe ontstaat uw muziek?

,,Ik word door heel veel dingen geïnspireerd. Door musea, concerten, andere culturen en mensen. Ik ben altijd ideeën aan het verzamelen. Het openingsmotet op de cd is de eerste compositie die ik ooit schreef. Als student kocht ik voor driehonderd gulden een piano. Het ding was te vals om aan te kijken en moest ook nog een trap omhoog. Ik wist dat als die piano daar stond, ik een stuk ging schrijven. In een halfuur was ik klaar. En als je vraagt waarom: ik heb geen idee. Het moest eruit. Dat gaat op gevoel, maar is ook gebaseerd op alles wat ik ooit heb gehoord en opgeslagen.”

Waar haalt u de tijd vandaan?

,,Ik doe van alles naast mijn werk. Onlangs heb ik in mijn geboorteplaats Breda met een aantal vrienden onze oude parochiekerk opgekocht, omdat de gemeente hem wilde slopen. Dat zou de doodsteek betekenen voor ons koor. Je haalt je wel wat op je nek. De aankoop is pas het begin. Het onderhoud van zo’n kerk is een gigantische klus. Onze stichting verhuurt de kerk, die nu behalve als kerk als cultureel centrum functioneert. Dat is een hoop geregel.”

Hoe krijgt u dat voor elkaar?

,,Ik weet altijd wel tijd te vinden. Ik schrijf heel snel. In januari beginnen de nieuwe colleges en ik moet nog een dictaat schrijven. Die dingen stapel ik op tot de tijdsdruk zo hoog oploopt, dat ik er niet meer onderuit kom. Dan zonder ik me af en ben ik ineens heel snel klaar. Zo ging het ook met de cd.”

Hoe vaak draait u uw eigen cd?

,,Aanvankelijk vond ik het moeilijk mijn eigen muziek te horen. Je gaat dan heel erg technisch zitten luisteren. Dat een bepaalde stem er toch niet uitkomt, zoals je had gedacht. Nu heb ik dat losgelaten. Ik ben heel tevreden met de cd. Ik luister er vaak naar voor ik ga slapen. Dan doezel ik helemaal weg.”

 

 De CD Mysterium is voor € 16,99 te bestellen via de webshop van Obelisk Boeken 

 

Recensie Volkskrant – Coen Vermeeren – O Magnum Mysterium

Doorleefd religieus

Desoriënterend, dat is de eerste indruk van Mysterium, een cd waarop de Brabantse componist Coen Vermeeren drie van zijn gewijde koorwerken onlangs in eigen beheer uitbracht….

Jaco Mijnheer 22 januari 2003

Wat eerst verfijnde Renaissance-polyfonie lijkt te zijn, zwenkt al snel naar het vroegste Gregoriaans en ontmaskert zichzelf vervolgens met anachronistische melodische wendingen en dissonanten uit de keuken van hedendaagse spirituele componisten als Pärt, Vasks en Franssens. Maar deze mix van stijlen doet niets af aan de zeggingskracht van Vermeerens muziek, en de koorklank van The Gentlemen of St John’s (studenten uit Cambridge) is zeldzaam gaaf.Waar komt dit moois zo ineens vandaan? Een blik op het drukwerk maakt het mysterie er niet kleiner op. De combinatie van de uitvoerenden, een hier nauwelijks bekend Engels mannenkoor, de in exclusief Latijn gestelde titels en de zwartwitfoto van een gebroken, op de grond liggende maar desondanks werkende gloeilamp biedt weinig houvast.Vermeeren (1962) blijkt een ruimtevaarttechnisch ingenieur te zijn, die als knaap zong in een katholiek kerkkoor in Breda, waarvan hij later dirigent werd. Als componist oriënteerde hij zich aan het Conservatorium van Amsterdam bij (mede-Bredanaar) Daan Manneke. En hij maakt alleen maar kerkmuziek.In O magnum mysterium, het openingsstuk van de cd en Vermeerens opus 1 uit 1989, ontvouwt zich in drie minuten een complete en veelzijdige wereld van doorleefd religieus gevoel, ondanks een wat bruusk slot. De toon is overwegend sereen, met af en toe een geëxalteerde uithaal.In de hoofdwerken, Mysterium nativitatis Domini en Veertien introïti voor Advent en Kerst, gaat Vermeeren op dezelfde manier te werk. Polyfonie wordt afgewisseld met korte Gregoriaanse ‘intonaties’, lang liggende bastonen op Baltische wijze en solo-voorzang in orthodoxe stijl, maar met het heldere, onmiskenbaar westerse timbre van de ‘Gents’ (waar ook enkele sopranen meezingen). Vermeeren is geen imitator, maar een verrassende vertegenwoordiger van een ongebroken muzikale traditie.